Gedachten of gevoel
Gedachten of gevoel
Jaloezie is een nuttige emotie. Als je je jaloersheid verbergt wanneer je partner te gezellig met een ander zit te kletsen, heb je een goede kans dat die denkt: ‘Geef jij wel om mij?’
GEDACHTEN OF GEVOEL is een zelfhulpboek. Ik schreef het voor mijn patiënten, die vroegen of ze ook konden lezen over mijn ideeën over de wissel-werking tussen denken en voelen.
Elke gedachte ontstaat door een gevoel, ook als je geen gevoel waarneemt, omdat je het verdringt.
Je bent bijvoorbeeld bang voor spinnen. Eerst bedenk je of die angst reëel is: ‘Kan die spin mij echt kwaad doen?’ Daarna probeer je de spin te pakken.
De één volgt een cursus omdat hij een te makkelijke prooi is voor de brutaaltjes van deze wereld, de ander probeert tevergeefs zijn agressie onder de knie te krijgen.
Waardering of koestering door andere mensen, zijn dat aangeboren behoeften? Hoe probeer je die te bevredigen en lukt dat een beetje? En hoe is het gesteld met je behoefte aan vrijheid en strijd? Nul bevrediging en geen zin?
Bij kinderen is het verschil makkelijker te zien dan bij volwassenen die geleerd hebben sociaal wenselijk te reageren. Overnemende peuters hebben een vriendelijke, open blik en beantwoorden mijn glimlach meestal met een glimlach. Ze hebben interesse voor mijn stethoscoop en lampje en laten zich gewillig onderzoeken zolang je ze geen pijn doet. Omkerende peuters daarentegen, bekijken je argwanend tot boos; zij willen de spreekkamer al niet in. Wanneer je te dichtbij komt maken ze afwerende gebaren en bij elk lichamelijk onderzoek worden ze bang. Alleen als ze je kennen en weten dat het geen pijn doet, kunnen ze hun huilen bedwingen. Het verlaten van de spreekkamer gaat het makkelijkst als ouders tegen hen zeggen: ‘Ik ga nu naar huis. Blijf jij hier spelen?’ Want op de ‘normale’ vraag: ‘Ga je mee? We zijn klaar,’ reageren ze met: ‘Nee! Ik wil hier blijven spelen.’
Door wat je geleerd hebt, ben je geworden zoals je bent. Door verkeerde principes waar je ‘onbewust’ aan vasthoudt, loopt je leven als een slechte film.
Door stress van opgekropte emoties en onthoudingsstress ontstaan stemmings-, gedrags- en persoonlijkheidsstoornissen.
Mensen misleiden zichzelf net zo gemakkelijk als elkaar. Het beeld dat je van jezelf hebt, kan afwijken van de werkelijkheid.
burn-out, depressie, verslaving, angst, borderline of autistisch gedrag
‘Mijn emotionele leven past niet meer bij mijn relationele leven! Gek word ik van mijn gedachten, van denkspiralen die ik niet kan doorbreken. Mijn normale gevoel is bijna verdwenen. Van iedereen krijg ik goede raad. Ik probeer daarmee mijn gedachten te begrijpen, maar het wordt alleen maar erger. Ik begrijp niet waar mijn onrust en gedachten vandaan komen, waarom ik blokkeer en zo heftig reageer...’
Waarom ontwikkel je een denkpatroon dat alles vervormt? En waarom kun je de knop niet meer omdraaien? Negatieve gedachten en emoties ontstaan volgens de cognitieve psychologie door denkfouten en verkeerde interpretaties. Door het aanleren van ‘betere’ opvattingen en vaardigheden zou je die gedachten en emoties kunnen voorkomen. Net als de meeste filosofieën over het brein van de mens zijn cognitieve gedragstherapieën op twee klassieke stellingen gebaseerd:
1.Gevoelens en gedrag zijn niet het resultaat van een gebeurtenis, maar van je gedachten over die gebeurtenis.
2.Je hebt altijd een keuze, of je verandert een bepaalde situatie of je verandert je gedachten over die situatie.
Je wilt bijvoorbeeld een parkeerplaats oprijden en een ander is je net voor, dan kun je denken: ‘Dat doet die expres’ of ‘De brutalen hebben de halve wereld.’ Je wordt dan boos. Je kunt ook denken: ‘Misschien heeft die persoon veel haast of mij niet gezien.’ Dan blijf je rustig, je haalt je schouders op en zoekt een andere plaats.
Helpt een gedachte mij verder of hindert die mij? Telkens zou je die vraag moeten stellen. Eerlijk gezegd zakt bij mij de broek af van deze logica. Dat je bij gedachten en emoties je verstand moet gebruiken is logisch, maar wat is er fout aan boos worden? Is dat geen gezonde emotie? Erg menselijk is bovendien het maken van denkfouten en het verkeerd interpreteren van situaties. Mensen bedenken van alles, maar hoe je weet of iets klopt en hoe vaak neem je de moeite om logisch klinkende redeneringen of verklaringen te controleren? De genoemde stellingen bijvoorbeeld, beide zijn denkfouten: de eerste is een omkering van oorzaak en gevolg, de tweede is een half ware redenering.
Wat er in je brein gebeurt is niet gelijk aan wat je waarneemt. Je mist iets als je denkt dat bij een gebeurtenis je gevoelens door je gedachten ontstaan. Door een gebeurtenis krijg je eerst emoties. Je gedachten en gedrag zijn het gevolg van die emoties. Het lijkt alsof je door een gebeurtenis eerst gedachten krijgt omdat het brein de bewustwording van emoties kan tegenhouden. En omdat je gedachten gevoelens veroorzaken, lijkt de eerste stelling waar. Echter, de emoties die je van gedachten krijgt zijn secundaire emoties. Je primaire emoties ontstaan door de gebeurtenis zelf. Blijven die onbewust dan mis je ze, maar ze zijn er wel.
De tweede stelling is half waar. Een mens kan zijn gedachten over een situatie veranderen. Of dat lukt echter hangt af van de heftigheid van de emoties die je door een situatie krijgt. Als je bijvoorbeeld onverwacht thuiskomt en je partner hoort in de slaapkamer met een ander waar ze niet aan het stofzuigen zijn, dan kun je niet denken: ‘Fijn, vandaag hoef ik zelf niet, dus ik ga lekker winkelen.’ Hoe dieper emoties binnendringen, hoe moeilijker het wordt je gedachten te relativeren. Echt onzin is dat je altijd een keuze hebt. Situaties met heftige emoties veranderen, gaat vaak niet. Dus juist als het erop aankomt heb je geen keus.
Jezelf begrijpen
Het maken van interpretatie- en denkfouten is niet het probleem, die maakt iedereen. Lastige emoties zijn ook niet het probleem, die krijgt ook iedereen. Dat mensen door aangeleerde culturele opvattingen primaire emoties, zoals boosheid, kwetsing en jaloezie, gaan afkeuren, beheersen en opkroppen, is wel een probleem.
Weggestopte emoties veroorzaken een onaangename spanning. Je sleept ze mee en als je barstensvol zit verlies je de controle over jezelf. Verdrongen emoties echter zijn slechts een deel van het probleem. Je gemoedstoestand die je negatieve denkpatroon veroorzaakt, is ook een gevolg van de mate waarin je aangeboren, natuurlijke behoeften bevredigt. Sommige behoeften vervul je niet omdat je er onhandig in bent, andere omdat je ze afkeurt. Ook dat is aangeleerd en cultureel. De instelling wees verstandig, denk positief en draai de knop om, is geen gelukkige combinatie.
Gebeurtenissen veroorzaken emoties, emoties veroorzaken gedachten en de strenge regels van je karakter bepalen hoe je met je emoties en gedachten omgaat. Over je gedachten kun je eindeloos nadenken. Blijf je ergens over piekeren, bedenk dan dat gedachten door emoties ontstaan en dat je ook over emoties kunt nadenken. Wat vind je van je emoties en wat doe je met je emoties? En hoe kom je weer bij je gevoel als je niets meer voelt?
Wat je met emoties doet is aangeleerd. Wat je met emoties kunt is aangeboren. Met alle emoties die je ervaart kun je maar drie dingen doen: beleven, beheersen of verdringen. Je denkt als volwassene niet meer na over wat je doet, het gebeurt onbewust. De principes van je karakter bepalen of je een emotie goedkeurt en beleeft, of afkeurt en beheerst of verdringt.
Wat gebeurt er als je primaire emoties afkeurt, bijvoorbeeld kwaad worden of je gekwetst voelen wanneer iemand voordringt of je pijn doet? Als je emoties afkeurt en beheerst, dan ga je over die emoties nadenken. Je vraagt je van alles af: waarom ik, wat doe ik fout? Je voelt je dom, schuldig of boos, of allemaal. Je gaat jezelf of de ander aanspreken. Je probeert te veranderen en anders te denken. En als dat allemaal niets oplevert of te veel energie kost, dan ga je die emoties opkroppen, verdringen. Hoe oud was je toen het de eerste keer lukte de knop om te draaien en dacht: ‘Hé, dat is gemakkelijk.’
Het voordeel van het verdringen van emoties is dat je verder kunt. De nadelen zijn dat verdrongen emoties blijven hangen in je hoofd, te pas en te onpas opduiken, een onbestemde spanning veroorzaken en je lichaam en lichaamstaal verstoren. Je raakt erdoor vermoeid, komt anders over dan je denkt en je reageert niet meer creatief. Toch ga je ermee door tot de vuilnisbak weer vol zit en je weer blokkeert of explodeert, omdat je niets beters weet.
Over emoties kun je ook eindeloos nadenken, maar als je je realiseert dat primaire emoties ontstaan door natuurlijke behoeften, dan kun je ook over die behoeften nadenken. Welke behoeften zijn aangeboren? Bevredig je die voldoende, beheers je je meestal of verloochen je bepaalde behoeften? Mensen zijn sociale wezens met lichamelijke en geestelijke behoeften. Mensen hebben elkaar ook nodig voor de bevrediging van hun behoeften. Hoe je met je behoeften omgaat is aangeleerd, grotendeels door opvoeders die bepaalden wat wel en niet mocht, en wat je wel en niet kreeg. Dat mensen hun natuurlijke behoeften bevredigen is helaas niet vanzelfsprekend. Door bevrediging krijg je een goed gevoel, echter door vrijwillige onthouding krijg je dat aanvankelijk ook. De kick van het afzien is misleidend, die kan je verleiden sommige behoeften niet te vervullen. Het brein kan zich zelfs tegen bevrediging afzetten en met andere behoeften proberen de onbevredigde behoeften te compenseren, waardoor je nog verder uit balans raakt.
Anderen begrijpen
Door communicatieproblemen ontstaan psychische problemen. Omdat een mens voor de vervulling van zijn behoeften andere mensen nodig heeft. Als jezelf begrijpen moeilijk is, de reacties van anderen begrijpen, vooral als die anders zijn dan van jezelf, is moeilijker. Wat is aangeleerd en wat is aangeboren? Volgens mij bestaan er twee soorten mensen die aangeboren verschillend reageren. Ik noem ze omkeerders en overnemers, en ik bedoel niet mannetjes en vrouwtjes.
Omkeerders reageren van nature tegendraads. Ze kunnen ‘nee’ zeggen tegen iets wat ze wel willen, en voor de grap het tegenovergestelde zeggen van wat ze bedoelen. Ze luisteren moeilijk omdat ze vaak tegendraadse gedachten krijgen; als je A zegt, denken zij B. Ze zeggen wat in hen opkomt, dagen andere mensen uit, gaan gemakkelijk de strijd aan en kunnen zonder aanleiding gaan plagen of voor de grap iemand op stang jagen. Bij conflicten leggen ze de schuld gemakkelijk bij de ander. Ze worden boos als iets of iemand ze beperkt of hindert. Ze ‘ergeren’ zich ook aan mensen die ze niet persoonlijk kennen, bijvoorbeeld een ‘trage’ weggebruiker, en aan dingen die niet doen wat zij willen. Een deur waar ze tegenaan lopen ‘is een stomme deur.’ Als ze arrogant gevonden worden, begrijpen ze meestal niet waarom. Alcohol is het middel waarmee ze onbeheersbare agressie controleren.
Overnemers luisteren eerst en voegen zich gemakkelijk. Ze willen aan verwachtingen voldoen en betrekken wat figuurlijk bedoeld wordt op zichzelf. Conflicten proberen ze eerst op te lossen door aardig te doen. Ze proberen het perspectief van de ander te begrijpen en vragen zich af: ‘doe ik iets fout?’ Ze voelen zich eerder schuldig dan boos. Als ze boos worden, dan eerst op zichzelf: ‘Omdat ze het weer lieten gebeuren.’ Ze voelen zich eerst gekwetst en schuldig als ze bijvoorbeeld bij een ziekmelding een cynische reactie krijgen. Cocaïne verlost hen van het kwetsbare gevoel.
Hoe goed ken je jezelf? Is je schuldgevoel of je boosheid de primaire of een secundaire emotie bij een conflictsituatie; voel je je schuldig omdat je weer boos werd of ben je boos omdat je je weer gekwetst en schuldig voelde? Probeer je de zienswijze van de ander te begrijpen omdat je dat hebt geleerd of is het je natuur en moet je er voor waken jezelf niet weg te cijferen. Als je niet tevreden bent met de wijze waarop je brein reageert, dan probeer je dat te veranderen. Omkeerders proberen het boos worden af te leren, overnemers proberen met assertief gedrag hun kwetsbaarheid te camoufleren. Helaas is het allemaal niet echt en effectief omdat er emoties worden beheerst en opgekropt waardoor de lichaamstaal niet klopt. Jezelf zien zoals je bent en moeilijke emoties aanvaarden en beleven werkt beter. Iedereen behandelen als jezelf is in ieder geval onhandig, als je weet dat de helft van de mensen van nature anders reageert.
Veranderen
Als je emoties ontwijkt of probeert te beheersen met je verstand, dan krijg je daar last van. Je gedachten gaan met je aan de haal en je komt vast te zitten. Je kunt daarom beter je emoties toelaten en verwerken. Je denkvermogen, emoties en behoeften zijn aangeboren. Principes, je opvattingen over je gedachten, emoties en behoeften, zijn aangeleerd. Door die strenge regels onder de loep te nemen kun je veranderen.
Emoties verwerk je door beleving. Beleving begint met toelaten en aanvaarden van emoties, bijvoorbeeld boosheid of kwetsing als je parkeerplaats wordt ingepikt, of jaloezie als het je lief betreft. Vervolgens kun je de emotie uiten met alle gevolgen van dien, of beleven met je fantasie als uiten niet handig is. Door beleving krijg je gedachten die bij de emoties horen. Je blokkeert de beleving door veroordeling van die gedachten. De emotie blijft dan zeuren, tot je brein het beu is en de emotie verdringt. Alleen het ‘ervaren van’ of ‘praten over’ emoties is dus niet genoeg; voor beleving moet je emoties uiten of je fantasie zijn werk laten doen. Alleen dan kom je er mee klaar.
‘Vandaag schijnt de zon wel, maar morgen zal het vast weer regenen.’ Een denkpatroon dat alles vervormt en waar je niet uit kunt stappen, verander je niet met positief denken. Omdat negatief denken ook niet de oorzaak is. Het onbestemde rotgevoel dat je gedachten laat malen, ontstaat door onbevredigde natuurlijke behoeften. Na drie dagen dorsten kun je met een half glas water niet denken: ‘Mijn glas is nog half vol.’ Natuurlijke behoeften bevredigen is het enige dat helpt. Zelf bedenken welke behoeften aangeboren zijn, en hoe je die behoeften vervult, is echter niet eenvoudig. Want als je lang genoeg niet hebt gekregen wat je wilt, weet je niet meer wat je wilt.